logo
logo
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
sponsor
NA DE 2e WERELDOORLOG
 

Na de 2e wereldoorlog

Dat er voor Harm van Dijk buiten het veld ook nog wel eens wat te doen was, mag blijken uit het volgende: op een keer nam hij zijn zoonjan mee naar het veld. Tijdens de wedstrijd had hij de kleuter bij enkele supporters geïnstalleerd. Deze waren duidelijk meer geboeid door wat Harm en zijn teamgenoten op het veld presteerden dan kleuter jan. Het jongetje kon zich althans onopgemerkt naar de rond het veld lopende sloot begeven. Gelukkig bleef niet onopgemerkt, dat hij enkele minuten later schreeuwend in die sloot spartelde. Vervolgens werd de jonge Van Dijk uit de sloot gevist en kletsnat bij zijn moeder afgeleverd.
Harms broer, Cor (de lolly), had het op zaterdagmiddagen ook niet altijd gemakkelijk met zijn kroost. Zo beleefde hij bij een uitwedstrijd in de bus een keer enkele radeloze ogenblikken, toen zoon Piet iets in de broek deed wat je gewoonlijk zittend in de W.C. ( of in de po) deponeert. Pa Cor was zo verbouwereerd, dat hij de schoonmaak overliet aan enkele andere jonge vaders in het gezelschap. Indrukwekkend zagen ze er niet uit, de beide spelers die de befaamde rechterwing vormden van het Sportclubteam uit de veertiger en begin vijftiger jaren. 'Een zacht gekookt eitje', oordeelden dan ook enkele supporters van Be-Quick Zwolle, toen ze Marten van Dijk en Willem Groothuis het veld zagen opkomen.
Martens schoonvader, jochem (josien) Oostwoud, verbeet zich en nam alleen maar de Zwollenaren scherp op.
En hoe zoet werd de wraak van jochem. Sportclub behaalde een eklatante 5-1 overwinning, onder andere door een doelpunt van Marten van Dijk. Magere, hoogpotige Marten zette een keer directe tegenstander Fokker Remmers opzij (Marten zelf: Eigenlijk beging ik een overtreding') en doelpuntte bekwaam.
Bij het verlaten van het veld had Oostwoud het er voor over een omweg te maken om toch nog even te kunnen zeggen: 'Het ei was toch harder dan jullie dachten, he?'.
We zijn het misschien bijna alweer vergeten, maar vroeger mochten alleen spelers vervangen worden die tijdens de wedstrijd geblesseerd geraakt waren.
In de jaren vlak na de Tweede Wereldoorlog was Sportclub onder leiding van trainer Doorneweert echter al wel zo professioneel, dat blessures soms voorgewend werden uit tactisch oogpunt. Zo had Zwolse Bas op een keer in Apeldoorn het plan opgevat om een niet draaiende Harm (de koster) van Dijk na de rust te vervangen. Toen hij dat in de kleedkamer onder het genot van een kop thee kenbaar maakte en Harm opdracht gaf meteen na de rust te gaan hinken, reageerde deze verontwaardigd met: 'Mij mankeert niets en ik ..,
ga er met Uit . De wedstrijd werd met één doelpunt verschil gewonnen. De winnende goal werd enkele minuten voor het eindsignaal gemaakt door... Harm van Dijk!

Doelpunten zijn het zout in het voetbaleten. Hoe belangrijk de beslissende pass ook is, de aangever raakt in de vergetelheid, de doelpuntenmaker blijft in de herinnering.
In sommige wedstrijden schoten groen-witte schutters wel bijzonder uit hun slof. Enkele voorbeelden daarvan.
Toen concurrent Sparta Enschede op 23 januari 1954 op bezoek kwam, besteedde Harm van Dalfzen de wedstrijd tegen die opponent om zijn eerder in de week gehouden verjaardag nog eens dunnetjes opnieuw te vieren; vijf treffers van hem zorgden voor en 5-1 eindstand.
Ook vijf keer scoorde Harm Hoekman in een wedstrijd tegen DVS Ermelo. De eindstand van die wedstrijd van 10-3. Leuk om te vermelden is misschien, dat het DVS doel verdedigd werd door Treurniet en dat Pleyzier bij Genemuiden onder de lat stond. Wie zou na de wedstrijd de meeste lol gehad hebben?
In een nog grijzer verleden zorgde Marten van Dijk in een wedstrijd tegen de CJV'ers uit Deventer voor niet minder dan zeven goals. Eindstand van dat treffen 7 -1.
Ook van schutters uit lagere elftallen hebben wij enkele verbluffende prestaties: nog niet zo lang geleden zorgde voornamelijk Piet ( de lolly) van Dijk voor de 7-1 eindstand van ESC 5-Sportclub 5 door zes keer te scoren. Diezelfde eindstand werd bereikt in een wedstrijd van Duw 3, zoals ons derde elftal vroeger vaak genoemd werd, tegen DESZ 2. Grote man in dat treffen was Tiempe Last met zes goals.
Sportclub B wist ooit eens een keer met 15-0 van DOSK B te winnen. Walther van der Haar was in die wedstrijd topscorer met acht doelpunten. De meest opvallende prestatie tenslotte werd geleverd, hoe kan het ook anders, door Harm van Dalfzen. In de wedstrijd waarin hij zich in het eerste speelde, tegen Nunspeet A, liet hij de veluwse doelman niet minder dan tien keer vissen! Eindstand van die wedstrijd 13-3.

Onverbrekelijk verbonden met de historie van Sportclub is natuurlijk de naam van trainer Bas Doorneweert, de man die thans vanuit het verre Nieuw-Zeeland de prestaties van onze Sportclub volgt. Uit een brief die hij, na een verzoek van onze kant eens terug te kijken op zijn Sportclubtijd, tot ons richtte, blijkt dat hij als trainer vooral hechtte aan conditie en sfeer. Doorneweert, die door Siem (de zwerte) Bakker voor 10, in de week naar Genemuiden werd. Gehaald en die ook in natura wel eens wat toegeschoven kreeg ('Ik ben nog steeds dankbaar voor de steun en hartelijkheid van het supporterslegioen. Als ik dorstig of hongerig was, zorgden de vrouwen voor koffie, koek, vis, eieren, te veel om op te noemen. Het was een heerlijke tijd') schrijft o.a.:
'Onze eerste competitiewedstrijd tegen DES Nijverdal was geen succes, we verloren met 5-1. Het Twentse Dagblad schreef, dat Genemuiden te zwak was voor de vierde klas. Ik liet de jongens de krant lezen. De reactie was goed: de mouwen werden opgestroopt, de ruggen krom getrokken, de training werd zwaar aangepakt. Bij slecht weer in het voormalige Weeshuis, in de schuur van De Lange, of op De Bollenaker verder draven door Genemuiden of aan de Kamperzeedijk.
Het was geweldig wat de jongens presteerden. In het begin was er de klacht, dat ik ze zich liet doodlopen, maar later toen de prestaties beter werden, vroegen ze om meer. Deze ploeg die door de Twentse reporter te zwak werd geacht, klom hoger en hoger op de ranglijst en verpletterde tenslotte het technisch veel betere Sparta met niet minder dan 9-0 en werd daarmee kampioen van de afdeling.
Eén keer dreigde de eendracht verloren te gaan in de ploeg. We speelden een bekerwedstrijd tegen een lager geplaatste ploeg en we verloren. Nu was het mijn gewoonte om direct na afloop van de wedstrijd nooit iets te zeggen als er wat fout was, omdat ik uit ervaring weet, dat je als speler dan geprikkeld bent. In de wedstrijd was me opgevallen, dat de twee vrienden in de ploeg, die anders elkaar aanmoedigden, dit nu achterwege lieten. Ook zaten ze niet naast elkaar in de kleedkamer zoals anders altijd. Ik ben naar huis gegaan, maar het zat me niet lekker.
's Zondags heb ik mijn fiets gepakt en ben ik naar Genemuiden gegaan. Zoals gewoonlijk zaten de twee in het Centrum, maar niet bij elkaar aan een tafel.
Ik bestelde een borrel, daarna gebruikte ik een tweede. Dat gaf me meer moed. Daarna vroeg ik de kastelein, of hij beide knapen bij me wilde sturen. Ik keek ze stuk voor stuk aan en zei: 'Wat jullie met elkaar hebben gaat me niets aan. Wat me wel aangaat, is dat ik niet duld, dat de eendracht in de ploeg verstoord wordt, omdat er twee in zitten die het niet met elkaar eens zijn. Ik verwacht nu geen antwoord; jullie hebben de tijd tot de training. Is het dan niet opgelost, dan worden jullie zaterdag niet opgesteld'. Ik ben opgestaan en heb tegen de kastelein gezegd: 'Die twee borrels betalen zij'.
Toen ik 's woensdags de kleedkamer in kwam, zaten de twee tot mijn grote vreugde weer naast elkaar'.
Sportclubs verst wegwonende supporter eindigt zijn brief met: 'Als de jongens van nu net zoveel plezier hebben als wij toen, dan zullen ze het ver brengen, wat het voetballen zit de Genemuiders in het bloed'.

Scheidsrechters in een ver verleden

Dat scheidsrechters ook in het verre verleden al vaak bekritiseerd werden of een omstreden rol vervullen tijdens de wedstrijden, werd aan de hand van enkele anekdotes al uit de doeken gedaan in het tien jaar geleden verschenen jubileumboek. In die passages waren echter een paar kleine onjuistheden geslopen. Oud voorzitter Harm Bonthuis weet bijvoorbeeld dat de haast legendarische kwestie rondom een anonieme brief aan de vooravond van een duel tussen DES in Nijverdal -waarin onbekenden bestuursleden van Sportclub waarschuwden voor een 'partijdige' scheidsrechter -niet speelde tijdens de eerste wedstrijd van S.C. Genemuiden in de grote KNVB (5-1 verlies in seizoen 1946/47 onder scheidsrechter Van Rooyen), maar onder het 'bewind' van trainer Jan de Roos in het seizoen 1953/54.
Bonthuis: 's Zaterdagsmorgens ontvingen wij die brief en mijn eerste reactie was 'niets mee doen'. Er stond onder meer in, dat niet de aangewezen Van Rooyen, maar scheidsrechter Boer de wedstrijd zou leiden, een DES-man.
Telefonische navraag bij de KNVB leerde mij, dat er inderdaad een wisseling van arbiter was en Boer zou fluiten. Ik heb toen wel waarnemers geregeld, maar lekker voelde ik mij niet. Wij stonden beide ongeslagen bovenaan, en als wij door de scheidsrechter zouden verliezen, maakten die waarnemers dat niet anders. Op het Gasthuisplein pikten wij Jan de Roos en vrouw op en ook Bas Doorneweert. Tot Nijverdal hebben wij over die brief gepraat, maar ik was er nog niet uit. Vlak voor de wedstrijd heb ik het bestuur van DES ingelicht en de heer Boer de brief laten lezen, zonder dat er iemand bij was. Zijn eerste reactie was: 'Ik ga niet fluiten. Ik zoek wel een vervanger op één van de andere terreinen.

Na een vrij lang gesprek, waarin ik hem erop wees, dat niet fluiten de indruk zou kunnen wekken dat de brief dus de waarheid bevatte, ging hij akkoord. Ik herinner mij, dat de elftallen reeds lange tijd op het veld waren, toen wij met ons beiden naar de middenstip liepen. Ik heb hem daar de hand gegeven en sterkte geweest. Wij wonnen met 4-1 en dus geen pijn. Uiteraard heb ik de heer Boer bedankt voor zijn leiding'.
De tekening van Teun van der Veen is na deze wedstrijd gemaakt. Teun was tekenaar van de Zwolse Courant voor bijzonder gelegenheden en was met de heer Alma naar Nijverdal gereisd. Via de heer Westhoff van de zuivelfabriek is de tekening in de bestuurskamer van Sportclub gekomen.

Opwinding

De thuiswedstrijd tegen DVS (2-3) werd geleid door de heer Bouwmeester uit Zwolle. . Een door hem niet bestrafte overtreding van de spits van DVS (hinderen van een keeper) leidde tot een doelpunt en opwinding onder de supporters. Twee daarvan molesteerden de scheidsrechter en werd de toegang tot het terrein door de KNVB voor een jaar ontzegd (op papier). Het protest, dat Sportclub indiende, werd op een zaterdagmiddag behandeld in Hotel 'De Keyser' in Deventer.
Harm Bonthuis: 'Samen met Jan Eenkhoorn ging ik daarheen. Terwijl wij daar zaten te wachten, zagen wij Bouwmeester ook, maar bij de behandeling in de Commissie was hij weg. De voorzitter deelde ons mede, dat men op zijn verzoek Bouwmeester reeds eerder had gehoord, omdat hij avonddienst had. Ik wist, dat hij als sorteerder op het postkantoor aan de Westerlaan te Zwolle werkte. Wij daarheen, geen Bouwmeester. Dan maar naar zijn privé-adres in Assendorp. Een dochtertje van ongeveer twaalf vertelt dat pa en ma naar een buurtfeestje zijn. 's Avonds heb ik J.W. van Essen, voorzitter van de Scheidsrechtersverenging gebeld. Bouwmeester had voor ons afgedaan'.

Berend Beens

De kampioenswedstrijd in 1946 thuis tegen Olympia (5-4) werd geleid door de heer Mastenbroek uit Meppel. De supporters en spelers van Olympia waren erg opgewonden en de scheidsrechter voelde zich bedreigd.
Harm Bonthuis: 'Voor de begeleiding tot over het veer wees ik Berend Beens aan (wie anders?). Ik zie hem nog lopen met die bekende blik in de ogen (van moeders). Geen enkele Hasselter durfde te naderen. Geen M.E.-er zou het hem kunnen verbeteren.

Bevoordelen

Een man, die er op uit was Sportclub te bevoordelen was scheidsrechter Post uit Kampen. Eenmaal, toen doelman De Lange zijn achterhoede aan het formeren was bij een vrije trap, liet deze met een schouderklopje weten: 'Maak je niet zo druk De Lange; bij mij verlies je geen wedstrijd'.
Een dergelijke garantie wilde Sportclub echter niet en daarom verzocht voorzitter Bonthuis de KNVB Post voortaan niet meer aan te wijzen voor wedstrijden waar Genemuiden bij betrokken was: 'We winnen graag, maar niet bij voorbaat'.
In Sportclubs bloeiperiode brachten verschillende spelers het tot vertegenwoordigende elftallen. Na wat snuffelwerk in Sportclub Nieuws weten we ook om welke spelers het gaat, al moeten we er meteen aan toevoegen, dat het rijtje misschien onvolledig is, omdat er perioden zijn, waarin ons clubblad niet verscheen. Geselecteerden in die periodes vallen buiten ons gezichtsveld.
Voor oefenwedstrijden van het Oostelijk elftal, zonder dat ze volgens onze gegevens in het officiële team werden opgenomen, werden uitgenodigd Dirk Jan Beens, Roelf Klaver, Dirk de Lange, Gerrit Pleyzier en Jos van der Haar.
In dat elftal drongen wel door Henk (van Jan van Annechien) van Dijk, Reind Breman, Henk van Dalfzen, Harm van Dalfzen, Herman Breman en Dirk Jan Beens.
Opvallend is, dat Henk van Dijk diverse keren verstek liet gaan; wellicht zag hij zo'n uitverkiezing niet zo erg zitten. Wel willen wij nog vermelden, wat het dagblad Trouw schreef naar aanleiding van een wedstrijd tussen het Noordelijk en het Oostelijk elftal in 1953:
'Uitstekend spel van Van Dijk (Genemuiden). De beste man van het veld was ongetwijfeld de oostelijke linkshalf Henk van Dijk van Sportclub Genemuiden. Het is jammer, dat deze wedstrijd niet enkele weken eerder kon worden gespeeld. Er zou dan nog gelegenheid geweest zijn, Van Dijk een kans te geven voor onze nationale ploeg. Een kans die de Genemuider ten volle zou zijn toegekomen. Van Reind Breman en Jan van der Haar weten we, dat ze het verder nog tot het voorlopig Nederlands zaterdagmiddagelftal gebracht hebben. Van de beide Van Dalfzens is natuurlijk bekend, dat ze in de periode van 1957 tot en met 1960 geregeld in het nationale zaterdagelftal speelden.
Harm van Dalfzen was bovendien de eerste zaterdagvoetballer die doordrong in het nationale amateur-elftal. Dat gebeurde in een wedstrijd tegen Frankrijk, die in Leeuwarden een 1-1 gelijkspel opleverde.

In 1948 spoedde Dirk de Lange zich al per vliegtuig van een beurs in Duitsland naar Nederland, en daarna per auto van Schiphol naar Genemuiden om toch vooral maar niet de big match Sportclub-Olympia te missen. Net op tijd verscheen Dirk in de kleedkamer.
In het doel kreeg hij tijdens de wedstrijd alle tijd om zijn ongetwijfeld begane verkeerszonden op die snelle terugreis te overdenken: Sportclub was veel sterker dan de Hasselters en won met 9-1.
Enig rekenwerk maakte duidelijk, dat militair Henk van Dalfzen de wedstrijd Sportclub-VVOG niet hoefde te missen, ondanks het feit, dat hij 's zaterdags om vijf uur op het appel moest verschijnen op de legerplaats Steenwijkerwold. Bovendien sprak het bestuur met de dienstdoende veerlieden af, dat de pont op Henk zou wachten.
In de praktijk liep het net even anders: de wedstrijd begint te laat en omdat Roelf Klaver zich had moeten laten vervangen door Berend Beens, mocht niemand meer opdraven voor Henk, toen hij tien minuten voor het eindsignaal van het veld af moest om op tijd terug te zijn voor zijn militaire plichten. Met tien man moest Sportclub wel iets terug, van 2-0 werd het 2-1, maar de overwinning werd behaald.
In het aprilnummer van 1955 van Sportclub Nieuws lazen wij: 'Ons zwaar gehavend elftal heeft het zaterdag tegen DOVO niet kunnen klaar spelen. Het verloor met 1-0. Terwijl iedereen op een volledig Genemuiden gerekend had, werd op het laatste moment duidelijk dat twee spelers niet mee konden doen. Willem van Dijk miste de bus en kon niet op tijd in Genemuiden zijn vanuit Ede en Roelf Klaver werd plotseling ziek'. Wat betreft het meespelen van Willem van Dijk had het bestuur kennelijk te veel aan het toeval overgelaten.
Vaak ook brachten zelfs de mannen die 's lands wapenrok droegen geen uitkomst. Wachtmeester Walther van der Haar werd voor een wedstrijd tegen DOVO in Veenendaal vanuit Zwolle naar het Utrechtse gereden. De eerste minuten kwam Sportclub, met tien man spelend, zonder kleerscheuren door en Walther kon bij een 0-0 stand het veld betreden. De eindstand 5-1. voor DOVO.
Om rekruut Johannes van der Haar in de topper tegen DES Nijverdal mee te laten doen moesten beide groen-witte kant halfs in actie komen. Het halen uit Ede door Dirk Beens en het brengen door Reind Breman had weinig nu nog te achterhalen effect: de wedstrijd eindigde met een brilstand.

Het veld van DES Nijverdal was op 25 oktober 1952 het terrein van een grootscheepse uitverkoop. Achter een van de doelen had een Nijverdalse middenstander een stalletje met allerlei snoep. Op een gegeven moment, achter de kraam stond alleen een jongen van een jaar of veertien, trok de kraam meer dan gewone aandacht. Reden daarvoor bleek de prijs van de Mars te zijn; een ware stuntprijs: een dubbeltje!
Terwijl enkele Nijverdalse jongeren hun verwondering over die prijs uitspraken ('Anders kost het altijd een kwartje'), profiteerden Genemuider supporters volop. Bestellingen van zeven stukjes Mars (Henke Last) en vijf stukjes 'Mars' (Klaas Timmerman) waren de gewoonste zaak van de wereld.
Net voor de laatste doos leeg was, verscheen de baas weer achter de kraam. Even was het nog zo, dat gelukkigen de 'mars' voor een dubbeltje kregen (bij de jongen) en ongelukkigen voor een kwartje (van de baas).
Al snel echter was er weer een eenheidsprijs: een kwartje!
O ja, Sportclub verloor de wedstrijd met 5-3.

De taak van een aanvoerder is zeker niet onbelangrijk. In vele artikelen is die reeds uitvoerig uit de doeken gedaan en wij hebben geenszins de behoefte daar veel aan toe te voegen. Wat u in al die artikelen zeker niet hebt kunnen vinden en wat u met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid niet wist, is dat dit aanvoerderschap vroeger in Genemuiden een financiële kant had. Wij citeren uit Sportclub Nieuws nr. twee: 'Over de nieuwe regeling van de contributie-inning nog het volgende; De nieuwe regeling, waarbij elke elftalaanvoerder de contributie van zijn elftal verzamelt ging in op 1 augustus jl. Op de laatste vrijdag van de maand dient deze contributie afgedragen te worden door de diverse aanvoerders aan de penningmeester'.
Wie voor rekenen een negen had, had de meeste kans om aanvoerder te worden...

Toen Sportclub van de Veerweg naar 't Einde verhuisde kreeg het al gauw behoefte aan een tweede terrein. Reeds in 1949 werd hierom een verzoek gericht tot de gemeente; pas dertien jaar later, in 1962 dus, ging Sportclubs verlangen wat dat betreft in vervulling. Wel was er incidenteel een noodveld geweest, maar hierdoor werden de moeilijkheden alleen enigszins verlicht.
Slachtoffer van deze toestand was vooral de jeugd, die niet of nauwelijks kon blijven voetballen. In de jaren 1956/57 en 1957/58 accepteerde de KNVB bijvoorbeeld niet de inschrijving van een B en een C-elftal. Bovendien moest het A-team verschillende van haar thuiswedstrijden op het terrein van de tegenstander spelen.

Dan maar extra trainen zou je kunnen denken. Ook dat ging echter niet op. In de eerste plaats had Sportclub vaak niet de financiële armslag om er een jeugdtrainer op na te houden en slechts omdat hij Sportclubman in hart en nieren was, heeft de al vaker genoemde Bas Doorneweert enkele jaren als zodanig gefunctioneerd.
Voor andere jaren werd er een oplossing gezocht door op de algemene ledenvergaderingen vrijwilligers te vragen voor die jeugdtraining. Die kwamen er dan vaak wel, maar door allerlei omstandigheden moesten de junioren het toch geregeld zonder trainer en dus zonder training doen, zoals ook mag blijken uit een in Sportclub Nieuws gepubliceerde brief van vijf C-junioren:
'Bij deze willen wij een klacht indienen over de training van de junioren. Donderdag 3 december was geen der drie trainers aanwezig. Wij zijn daar niet over te spreken, want wij willen net zo goed trainen als de senioren. Wij verzoeken daarom vriendelijk de volgende week wel te kunnen trainen'.
Tekenend voor de moeilijkheden die de jeugd van Sportclub vroeger ontmoette op haar weg naar de 'top' is ook het volgende citaat uit Sportclub Nieuws:
'Een onzer junioren kwam dezer dagen bij ons met de mededeling dat hij door de politie van het veld was gejaagd, waar hij aan het trainen was. Natuurlijk juichen wij het trainen van onze leden en ook van onze juniorenleden van harte toe en wij zouden dat niet graag willen verhinderen. Maar... als dat maar niet gebeurt op het veld aan de Kamperdijk'. De latere grote terugval van Sportclub Genemuiden kan van dit alles nauwelijks los gezien worden. Het veel gebruikte 'wie de jeugd heeft, heeft de toekomst' ging voor Sportclub niet op. De talentvolle jeugd was er; hiervan getuigen diverse kampioenschappen van C en B-teams. De toekomst was er niet, omdat zeer veel spelers van die kampioenselftallen door de bovengeschetste situatie op hun achttiende al uitgekeken waren op het voetballen en de senioren niet of nauwelijks haalden. We noemen Arend van de Steeg, Lodewijk van de Wulp, Klaas Naberman, Jan Pleyzier, Jan Penninkhof, Jan Barneveld, Jochem Eenkhoorn, Henk Eenkhoorn, Bertus Tuinman, Harman Breman, Rijk Hammer, Willem van Lente, Jochem Tuinman, Adrie Potters en Klaas Eenkhoorn.

Zoals de grote broers hun eeuwige rivalen hadden -het eerste bijv. DES en Sparta, het tweede Go-Ahead en Owios -zo hadden ook de junioren hun 'aartsvijanden'. Twee jaar lang werden heroïsche duels uitgevochten door KHC C en Sportclub C. Daarbij was KHC iets in het voordeel, want verloor het team meer dan twee punten aan de groenwitte C's dan had het nog een aantal herkansingen: in dezelfde afdeling waren namelijk ook KHC C2 en KHC C3 ingedeeld. Om een en ander recht te trekken kwamen in die teams dan ook vaak de vedetten van KHC Cl opdraven. Zo zaten in bijna elk KHC-team de voor de junioren uit die tijd overbekende Lucien Kirchstein en Koentje Schulting.
Mede door deze kunstgrepen van de Kampenaren eindigden beide teams twee keer met hetzelfde aantal punten bovenaan. In 19541everde dit uiteindelijk een kampioenschap voor de IJsselstadbewoners op: na een 1-1 eindstand in de eerste beslissingswedstrijd werd de tweede door hen met 4-3 gewonnen. Een jaar later kregen de onzen hun revanche, andermaal na twee beslissingswedstrijden. Uitslagen respectievelijk 2-2 en 2-1 voor Sportclub C.

De thans verplichte sportkeuring voor iedereen die aan officiële voetbalwedstrijden wil deelnemen is slechts zeer aarzelend op gang gekomen. In Sportclub Nieuws nr. zes lazen wij het volgende: 'De secretaris verzoekt ons mede te delen, dat er voor hen die belangstelling voor een medische sportkeuring hebben, binnenkort gelegenheid bestaat om zich medisch te laten keuren. Reeds hebben zich enige spelers daarvoor opgegeven.
Laten zij die zich ook willen laten keuren, zich direct opgeven bij de secretaris, dan kan zo spoedig mogelijk een afspraak worden gemaakt met het bureau voor medische keuring. Al snel veranderde de toon, anderhalf jaar later werd een en ander als volgt gesteld: 'LAATSTE WAARSCHUWING MEDISCHE SPORTKEURING
Wij maken u er op attent, dat na 31 december 1953 geen spelers meer mogen uitkomen in bindende wedstrijden, als zij niet officieel gekeurd zijn. Overtredingen worden onherroepelijk beboet. Dit geldt zowel voor oud-spelers als voor nieuwe leden.
Naar aanleiding van bovenstaande waarschuwing door de KNVB verzoek ik alle spelers, die niet officieel gekeurd zijn, zich in verbinding te stellen met de heer H. van Dalfsen, Julianastraat, opdat zij zich zo spoedig mogelijk aan een medische sportkeuring kunnen onderwerpen'.
Van de veertig spelers die nog gekeurd moesten worden, meldde er zich één aan! Teleurgesteld hierover reageerde het bestuur in het volgende nummer van Sportclub Nieuws: 'Dringt een dergelijk verzoek misschien niet genoeg tot de betrokkenen door? Voor één lid kan geen keuringsavond geregeld worden. Minstens tien aanmeldingen moeten er zijn om een keuringsavond te bespreken. Zullen wij het nog één keer proberen met een verzoek?? En nu met meer succes?? ...Ja? Vooruit dan!!' En toen volgde nog eens een keer het verzoek contact op te nemen met H. van Dalfsen.
Het succes was overweldigend: het aantal spelers dat zich opgaf vermeerderde met 100 procent tot twee! Dat wil zeggen, dat 38 Sportclubspelers ongekeurd bleven.
Toen greep de KNVB Afdeling Zwolle krachtig in: er werden geen wedstrijden meer vastgesteld voor de lagere elftallen van Sportclub. Pas weken later, toen er voldoende spelers gekeurd waren, veranderde dit weer. Toch bleef de keuring nog enkele jaren een martelgang voor het bestuur. In september 1956 bijvoorbeeld, toen Wiebe de Boer secretaris was, werden de spelers op een bepaalde avond opgeroepen, tien per avond. In die maand waren er twee avonden vastgesteld, waarop in totaal twintig spelers gekeurd moesten worden. Een kwart hiervan, vijf dus, kwam opdagen; de anderen besteedden hun avond anders.
Langzamerhand is echter bij een groot deel van de voetballers toch wel het besef gekomen, dat een goed uitgevoerde sportkeuring verschrikkelijk belangrijk is. Sportclubs leiding heeft thans dan ook minder overredingskracht nodig om haar leden tot een keuring te bewegen dan zo'n 25 jaar geleden.

Een van de tegenstanders uit de eerste landscompetitie waar Sportclub aan deelnam was NSVV uit Numansdorp. Toen de reis naar het verre westen moest worden ondernomen, dienden zich reeds in Genemuiden enkele wolken aan, na een langer periode van goed weer. Henk van Dalfzen was de enige in het Sportclubgezelschap die dat onderkend had en niemand anders dan hij had bij zijn bagage een regenjas; een jas die er zijn mocht; pas aangeschaft voor (in die tijd) veel geld.
Overigens bleek er in het gezelschap één man verstandiger dan Henk, nl. Berend van Dalfzen, Henks oom. Bij het verlaten van de bus vroeg deze nonchalant aan Henk: 'Leen me even je regenjas'. Dit omdat ondertussen de regen bij bakken de lucht uit kwam.
Zo kon het gebeuren, dat toen Sportclub in de stromende regen weggespeeld werd door NSVV, Berend zich in Henks regenjas stond te verbijten aan de lijn. Hij demonstreerde zijn ongenoegen vooral door bij elk tegendoelpunt grommend zijn tabakssap over zijn rechterschouder uit te spugen. Uiteraard had hij bij deze acties tegenwind, want hij was wel zo verstandig met de rug naar de regen te gaan staan. Daardoor kwam steeds een groot gedeelte van de straal pas op de grond via neefs gloednieuwe jas.
Trieste balans van deze wedstrijd voor Henk van Dalfzen: een 6-1 nederlaag en een voor altijd bedorven regenjas.

Voetballen kon Henk Stukje -oude supporters kennen vast nog wel zijn karakteristieke ren na een doelpunt; breed lachend, armen geheven met de vingers wijd uit elkaar -al een beetje toen hij uit het Verre Westen naar Genemuiden kwam, zijn drinken was minder verzorgd. Over 'citroen-met' had hij tot en met een uitwedstrijd naar DES Nijverdal alleen nog maar de klok horen luiden en om de klepel te vinden dronk hij er die keer (te) veel van. Zoveel, dat hij assistentie moest vragen aan Albert Eenkhoorn (Ap Poe) voor de weg en de bus naar huis, zijn kosthuis bij de gezusters Blom.
Juist daardoor kunnen we nu melding maken van het feit, dat hij om zijn kostdames niet te storen al buiten uitvoerig zijn schoenen uittrok. Zijn opzet mislukte echter grandioos: het laatste stukje naar zijn kamer moest hij afleggen onder de blikken van drie paar afkeurende ogen!
Dwars gezeten heeft hem dat niet, getuige een gedeelte uit zijn afscheidsbrief ruim vier jaar later:
'Van de aanvang af werd ik gul en hartelijk opgenomen in de Sportclubfamilie en ik heb mij dan ook nooit 'een vreemde eend in de bijt' gevoeld. De omgang en de onderlinge verstandhouding was altijd uitstekend en dat tekent meteen de sfeer en de geest van de gehele vereniging.
Hoe prettig en gezellig waren niet de verre uitreizen en of we nu wonnen of verloren, de stemming in de bus was altijd even goed, vooral dat eerste jaar naar Nijverdal.

Door de jaren heen hebben voetbalsupporters er niet in uitgeblonken hun gevoelens op een subtiele manier onder woorden te brengen. Kreten als 'd'r op of gien vreet'n', 'bloed an de poale', en het massale 'hi-ha-honde..: getuigen hiervan. Het Genemuider publiek deed en doet wat dat betreft goed mee. Het is zelfs zo, dat je bladerend in het clubblad steeds weer artikelen tegenkomt, waarin bestuurders om wat meer behoudende taal van de supporters vragen, om wat meer respect voor wat er door Sportclub en haar tegenstander op het veld neergelegd werd.
Niet mis te verstaan was ook de mentale injectie, die een van de Sportclubsupporters Henk van Dalfzen meende te moeten geven, toen deze met zijn Jantien voor de wedstrijd nog een fietstochtje rondom Genemuiden ging maken: 'Winn'n vanmiddag ej, aandes zaeg'k oe de poot'n bij de kont'of!'
Of Henk die middag gewonnen heeft weten we niet; wel weten we, dat hij nog jaren gevoetbald heeft...

ONS KWAM TER ORE

Het volgende tweegesprek tussen een Genemuider supporter een een muzikant uit spakenburg:
GEN.: 'Woar muuj met die oorn noar toe joh, of eij concours?'
SPAK.: 'Nee, wij moeten blazen vanmiddag, want Spakenburg wordt kampioen'
GEN.: 'Spakenburg kampioen? Woarvandoan, woar muuten ze dan tegen spuuln?' SPAK.: 'Spakenburg wint vanmiddag van Genemuiden en dan zijn ze kampioen van Nederland'.
GEN.: 'Zoo..:
Na afloop:
GEN.: 'Nou, woar eij oew oom joh, muuj niet bloasen!'
SPAK.: Stilte
GEN.: '0, ek zie t'al, iej ern urn onder de jasse, 't reengt ook een bietien ein, iej bin zeker bange dat ie nat wordt'
SPAK.: Stilte
GEN.: 'Mer wat ak vroang wol, oe is et ofelop'n mit die wedstried tegen Gellernuun?' SPAK.: Af
Uit: Sportclub Nieuws, augustus 1954

Als een leeuw verdedigde hij ruim twaalfjaar het Sportclubdoel. We hebben het dan natuurlijk over Dirk de Lange, de man over wie Sportclub Nieuws bij zijn afscheid in 1955

schreef: 'Dirk de Lange heeft in zijn beste jaren wedstrijden voor Genemuiden gewonnen, hij volgde Keppel op in 1942 en werd al gauw een der beste keepers in het oostelijk zaterdagvoetbal. In het vertegenwoordigend Oostelijk elftal is hij nooit uitgekomen, want hij had het ongeluk dat hij uitkwam in de periode van Cas Woudsma, de nationale doelman, en in diens schaduw heeft hij wel jarenlang als reservekeeper op de opstellingen van het Oostelijk elftal geprijkt'.
Dirk herinnert zich vooral enkele minder gelukkige momenten van zijn eigen optreden: 'Steeds terugkerende toppers in mijn tijd waren de wedstrijden tegen Sparta Enschede; wedstrijden waarin de zenuwen door je keel gierden. In een van die wedstrijden dook ik bij een 2-2 stand royaal over een slap schot heen. Berend (de panne) Beens beet mij teleurgesteld met de handen in zijn zij toe: 'Zo'n slap schot had je toch wel kunnen houden'. Ik wist niet beter te doen dan 'rustig' te zeggen: 'Je kunt me beter iets vertellen wat ik zelf nog niet weet'.
Ook herinnert Dirk zich een minder geslaagde uittrap in een bekerwedstrijd in Nunspeet: 'Ik had altijd het gevoel, dat als de eerste uittrap goed gelukte het voor de rest van de wedstrijd wel snor zat. Die keer wou ik de bal dan ook iets extra's meegeven, maar ook door een flinke tegenwind belandde de bal. in de over het doel hangende takken van een achter de goal staande boom!
Terwijl pogingen werden gedaan de bal uit de boom te krijgen, werd de wedstrijd niet dood gefloten. Uiteindelijk kwam de bal naar beneden en belandde, volgens mensen die het verhaal nog sterker willen maken in het eigen doel. Ik kan me dat niet meer herinneren, ik denk dat ik de bal gewoon gevangen heb:
Tijdens en na zijn actieve carrière als keeper heeft Dirk verschillende bestuurlijke en administratieve functies bij Sportclub bekleed. Zo was hij bijvoorbeeld secretaris, penningmeester, lid van de strafcommissie en lid van de kommissie die de kas controleerde. In die laatste hoedanigheid maakte hij het volgende mee: 'Bij een kascontrole tijdens het penningmeesterschap van Jan Willern Groothuis zat er een gulden te veel in kas. Hoe we ook rekenden, het verschil bleef. Eenstemmig werd tenslotte besloten het overschot om te zetten in bier om toch nog een gezellig slot te geven aan een duffe rekenavond. Helaas ontdekte Jan Willem een week later zelf waar de fout zat en moest hij de 'braspartij' uit eigen zak betalen!'

Het kampioens elftal van 1957/1958

Het kampioenselftal 1957/1958; vlnr staand: Jan de Roos, Dirk Beens, Coen Last, Willem van Dijk, Reind Breman, Gait Pleyzier; Henk van Dijk, Dirk Jan Beens, Jan Fuite, Jan Eenkhoorn; zittend: Walther v.d. Haar; Henk van Dalfzen, Harm van Dalfzen, Johan Bakker; Klaas Eenkhoorn.

Woensdagavond 13 juni 1956 omzoomden zo'n 6000 toeschouwers het veld van DES Nijverdal om getuige te zijn van de beslis singswedstrijd tussen Sportclub Genemuiden en Sparta Enschede. Onder hen bevonden zich ook twee Sportclubtrainers, Jan de Roos en Bas Doomeweert. Laatstgenoemde was op dat moment trouwens jeugdtrainer maar zijn staat van dienst was zodanig, dat hij volledig meetelde als trainer.
Na een gelijk opgaande eerste helft wilden beiden een beslissing forceren met hun deskundige adviezen. Op weg naar de kleedkamer nam Doorneweert stopperspil Henk van Dijk even apart om hem te zeggen: 'Ie muut niet te vale risico neem'n, ie muut , meer ruumn.
Nadat in de kleedkamer de thee gedronken was, gaf trainer De Roos nog wat aanwijzingen. Tegen Henk van Dijk zei hij: 'Probeer vooral die bal niet maar zo een schop te geven, probeer een medespeler te bereiken. Met plaatsen krijg je rust.' Volkomen in paniek reageerde Henk hierop met: 'Wat muu'k now, Doomeweert zeg, da'k muut ruum'n en ie zeg'n da'k muut plaes'n. Die paniek was natuurlijk geheeloverbodig, want de oplossing was simpel: 'Je mag natuurlijk ook wel eens een keer ruimen', stelde Jan de Roos en Doorneweert verzekerde Henk: 'Ie mag ook wel es een keer plaets'n. Hoe Henk van Dijk het probleem opgelost heeft weten we niet, wel weten we dat Sportclub de wedstrijd met 1-0 won.
Harm Bonthuis vult aan: 'Een paar dagen vóór deze beslissingswedstrijd belde mij Godding uit Zwolle, die als scheidsrechter was aangewezen. Hij werkte bij de N.S. en ging met zijn vrouw met de trein naar Nijverdal en vroeg mij hen van het station af te halen, gezien de grote afstand naar het sportpark. En ook graag terug. Het leek mij nuttig aan dat verzoek te voldoen.
Je weet het natuurlijk nooit, maar als Godding voor die zware ingreep van Henk van Dijk tegen linksbuiten Bouw van Sparta wel een strafschop toekent, hadden wij eigenlijk niet mogen mopperen. Misschien was Godding toen in zijn gedachten al bij de terugreis , met zijn vrouw in mijn auto.

Als vaste keus van het Nederlands zaterdag elftal volgde Henk van Dalfzen ook geregeld de centrale training in Bilthoven. Vaak reisde hij dan samen met Rini Poelakker van DES Nijverdal, voor zo ver de reis van de twee althans samenviel. Geen wonder dan ook, dat ze bevriend raakten en ook tijdens de wedstrijden Genemuiden-DES nog wel eens enkele woorden met elkaar wisselden. Toen ze dat een keer deden in een door scheidsrechter Oosthoek geleide wedstrijd was dit voor de arbiter reden van verre op hen toe te snellen en hen toe te bijten: 'Nog één keer en je gaat er allebei uit'. Beide spelers waren te verbijsterd om te reageren.
De heer Van Tongeren uit Zwolle, een niet geheelonbelangrijk man in de zaterdagvoetballerij had een en ander ook opgemerkt en kwam na de wedstrijd aan Henk vragen wat er aan de hand was geweest. Toen hij hoorde wat het geval was, was hij minstens zo verontwaardigd als de spelers zelf
Toen Henk een kwartiertje later uit de kleedkamer kwam, stond de heer Oosthoek op hem te wachten om... hem zijn excuses aan te bieden!

Achterin de vijftiger jaren was Sportclub Genemuiden een veel geïnviteerde tegenstander voor vriendschappelijke wedstrijden e.d. Niet zelden nam men de uitnodigingen aan.
Zo moesten de groen-witten na afloop van het seizoen 1957/58 voor een nederlaagtoernooi aantreden tegen HattoHeim. De Hattemers hadden in dat toernooi al flinke klappen gehad, maar toch hadden onze plaatsgenoten alle hoop in aanmerking te komen voor de eerste prijs; 5-0 winnen moest geen onmogelijke opgave zijn, dacht men in het Genemuider kamp...

Na een half uur spelen was reeds genoemde stand bereikt? Echter niet Hatto Heim doelman had vijf keer de trieste gang naar het net moeten maken, maar Gerrit Pleyzier, Sportclubs goalie. Elk schot van de Veluwe bewoners was bijna raak geweest!
Na dat eerste half uur vermande Sportclub zich en na anderhalf uur voetbal prijkte er dan ook een 7 -5 eindstand op het denkbeeldige scorebord. De schande van een nederlaag tegen een middelmatige vierde klasser was de oostelijke topploeg bespaard gebleven.
Zeer belangrijk voor Sportclub Genemuiden is de instelling van een jeugdcommissie geweest. In het seizoen 1958/59 is voor het eerst sprake van zo'n jeugdcommissie in Sportclub Nieuws. Ze bestond uit vier personen, twee ervan zijn in de vergetelheid geraakt, ook al omdat ze een jaar later niet meer als zodanig functioneerden. Dan, in het seizoen 1959/60, zijn alleen HendrikJan ( de proeme) van Dalfsen en Berend Herssenberg nog actief, overigens al vanaf 1956 is ons gebleken.
In de zomer van 1961 gaat er ook een groep junioren onder leiding van Berend Herssenberg, Harman Breman, Wiecher van de Belt en Marten van der Haar naar een jeugdkamp in Otterlo. Vanaf die tijd worden geregeld deze jeugdkampen bezocht.

In 1962/63 bestaat de jeugdcommissie volgens Sportclub Nieuws uit Berend Herssenberg, Gerrit Visscher, Jan van Dijk en Walther van der Haar.
De mannen van het eerste uur zijn ondertussen allemaal verdwenen, allemaal behalve Berend Herssenberg.
Hoe belangrijk een goede opvang van een jeugdteam is, moge blijken uit het feit, dat het B-team, dat in 1959 glansrijk kampioen werd met 31 punten uit 16 wedstrijden en als doelcijfers 86-8, twee jaar later als A-team degradeerde. Dat elftal had geen echte begeleiding. Hoe anders ging het met het eerste elf tal, dat Berend onder zijn hoede nam: in zes jaar vijfkampioenschappen! Twee keer als C, één keer als B en twee keer als A.
Wie herinnert zich niet de zenuwslopende promotiecompetitie van dit team, die helaas net niet succesvol kon worden afgesloten; het 1-1 gelijke spel in Zwolle tegen PEC A via het fameuze Geert Siebert-doelpunt (Geert retourneerde ineens een uittrap van de Zwolse goalie); de 3-2 nederlaag tegen datzelfde PEC in de beslissingswedstrijd in Hasselt. Helaas ging ook van dit elftal veel talent verloren door een slechte opvang. N amen van dit sterrenteam: Siebren van der Steeg, Jan van Dijk, Piet van Dijk, Gerrit Eenkhoorn, Alle Merkus, Geert Siebert, Karst de Lange, Jan van der Haar en Fokko Wielink.

Protest

Scheidsrechter Oosthoek, in zijn vrije tijd is hij arts (mogelijk halen we de zaken een beetje door elkaar), nam in de wedstrijd Sportclub-DTS Ede de beslissing voor de geblesseerde Jan Fuite geen invaller toe te laten. Volgens hem was er bij de Sportclublinksbuiten sprake van een oude blessure en de toenmalige KNVB-reglementen -we schrijven het jaar 1958 -lieten alleen voor een speler die tijdens de wedstrijd geblesseerd raakte een invaller toe.
Na de wedstrijd die door Sportclub met tien spelers beëindigd moest worden en die in een gelijkspel eindigde, diende Genemuiden een protest in.
N a een mondelinge behandeling besloot de protestcommissie, ondanks heftig verzet van de scheidsrechterdokter, dat de arbitrale beslissing onjuist was geweest en dat de wedstrijd vanaf het moment van het uitvallen van Fuite over gespeeld moest worden.

Het kampioens elftal van 1958/1959

Het kampioenselftal 1958/1959; vlnr staand: D. Beens, W. van der Haar; Harm van Dalfzen, Hk. van Dijk, J. Bakker; K. Eenkhoorn; zittend. Willem van Dijk, Henk van Dalfzen, G. Pleyzier; D.J. Beens, Reind Breman.

Het kampioens elftal van 1961/1962
De kampioenen van 1961/62; staand : Willem van Dijk, Reind Breman, Coen Last, Henk van Dijk, Dick Driessen, trainer HJ. Spijkerman, Dirk Beens, Berend Beens; zittend: Walther van der Haar; Henk van Dalfzen, Jaap Hoekman, G. Pleyzier; Johannes van der Haar:

Scheidsrechter Oosthoek was door dit voorval niet de meest populaire man bij de groenwitte supporters. En dit werd er niet beter op toen hij ruim twee jaar later, de eerste keer dat hij weer een wedstrijd van Sportclub floot, in Nijverdal bij DES-Sportclub een erg slechte dag had. Hij zag namelijk een duidelijk buitenspelgeval en een even duidelijke handsbal over het hoofd en mede daardoor leidde DES na een kwartier al met 3-0. En dat terwijl Genemuiden erg sterk van start was gegaan!
'Wat is dat Genemuiden achteruit gegaan', oordeelden supporters van Enter Vooruit op de twaalfde oktober 1957, volgens Sportclub Nieuws. Groen-witte fans dachten er duidelijk anders over en zij uitten zich ( al weer volgens Sportclub Nieuws) als volgt: 'Van Enter begint de viktorie'. De waarheid lag die keer niet in het midden. Tot en met 29 mei 1959 leed Sportclub geen enkele nederlaag!
Volgens het orgaan van de KNVB, de Sportkroniek, speelden de groen-witten in die periode 53 officiële wedstrijden. Omdat Sportclub Nieuws ons in de steek laat -na het decembernummer van 1957 verscheen het volgende nummer pas in november 1959 kunnen wij niet alle 53 wedstrijden achterhalen. Wij komen slechts tot een serie van 41; twaalf in de kompetitie 1957/58 (de vierde wedstrijd in dat seizoen werd in Enschede met 3-1 van Sparta verloren), zestien wedstrijden in de kompetitie van het daarop volgende seizoen ( de zeventiende ging in Veenendaal tegen DOVO met 3-1 verloren) en dertien bekerwedstrijden in die twee seizoenen. De veertiende in die serie was de finalewedstrijd van het seizoen 1958/59 tegen ARC, een treffen waarin ARC met 3-1 zegevierde. Toen had Sportclub zijn ongeslagen record al ingeleverd tegen DOVO en had het ook in Wezep al een keer de kous op de kop gekregen. De uitslag van die wedstrijd? U had het kunnen raden, juist ja... 3-1 voor WHC.
Absolute toppers uit die periode waren natuurlijk de 8-2 zege op landskampioen Ter Leede in de halve eindstrijd van de bekercompetitie 1957/58 en de verovering van de beker in Huizen door een 5-0 zege op een andere westelijke tweede klasser, ARC.
Was er toen in het oosten ook een tweede klasse geweest, wellicht was Sportclub Genemuiden dan landskampioen geworden. Naar aanleiding van een vriendschappelijke wedstrijd van Sportclub tegen ZAC althans oordeelde de voorzitter van een noordelijke zaterdagclub (Henk van Dalfzen, onze zegsman in deze, is de naam van de club en de man vergeten): 'Het beste voetbal wat ik ooit door een amateurclub heb zien spelen'. Een conclusie die pas jaren later, toen Sportclub Genemuiden voor de beker moest aantreden tegen 's mans club, gegeven werd.
'Dat nooit' is de kop van een artikel in Sportclub Nieuws van november 1961 naar aanleiding van plannen het eerste elftal in een ander tenue dan het groen-wit gestreept te laten voetballen. De kreet was geuit door een supporter, maar de schrijver denkt er nauwelijks anders over getuige het volgende citaat: 'Ruim dertig jaar hebben de groen-wit gestreepte mannen zich gepresenteerd op velerlei voetbalvelden en aan velerlei toeschouwers. Welke voortreffelijke prestaties zijn in deze shirts niet bereikt. Met een gevoel van trots worden ze elke week weer om de schouders getrokken. Deze kleuren zijn gevreesd door een ieder die Sportclub Genemuiden als tegenstander heeft gehad. En nu opeens overboord gegooid, dat nooit! Men tone wat meer eerbied voor tradities dan dat men zonder meer gevolg geeft aan deze dwaze modegril. We zijn geen stelletje mannequins die er in het veld toch vooral zo mooi mogelijk bij moet lopen'. En vervolgens wordt hij letterlijk lyrisch:

De gestopte penalty tegen DOVO

Gait Pleyzier stopt penalty in de beslissingswedstrijd tegen DOVO.

Ruim dertig jaren lang
Was groen-wit gestreept voor geen tegenstander bang.
Vele malen heeft groen-wit gestreept
De overwinning uit het vuur gesleept.
Met dat mooie shirt om het lijf,
Was de overwinning buiten kijf,
Al zat men wel eens een enkele keer in nood In dit shirt werd Sportclub groot.
Daarom zijn de groen-witte strepen
Iedere supporter uit het hart gegrepen. Dragen we dit shirt nog lange jaren,
Dan zullen we het ook inde toekomst wel klaren!


Na enkele (buitengewone) ledenvergaderingen moest het bestuur zich gewonnen geven en ruim een half jaar nadat bovenstaande in Sportclub Nieuws verscheen greep Sportclub in witte shirts en glimmend groene broek naast de landstitel! Zou in groen-wit gestreept Quick Boys verslagen zijn??

In de wedstrijd WHC-Sportclub Genemuiden was de stand 3-1 voor de Genemuiders toen scheidsrechter Mulder in de fout ging. Een vrije trap werd door een van de Wezepers vlak achter de paal in het zijnet geschoten. 'Doelpunt', dachten de Wezeper supporters, 'doelpunt', oordeelde ook scheidsrechter Mulder en achtervolgd door een groen-witte horde sprintte hij naar de middellijn.
Terwijl de Wezeper toeschouwers allang hun fout ingezien hadden, bleef Mulder koppig aan zijn beslissing vasthouden, wat de Sportclubspelers ook probeerden om hem van het tegendeel te overtuigen. Pas toen de WHC aanvoerder Van Ommen er zich mee ging bemoeien, erkende de Zwollenaar zijn fout en mocht Sportclub vanaf de vijf meterlijn de bal weer in het veld brengen. De wedstrijd eindigde tenslotte in een 4-1 overwinning voor Sportclub Genemuiden. Of was het nou 4-2? Dat moeten we de heer Mulder nog maar eens vragen
We hebben deze eindstand (zie pagina 83) niet opgenomen vanwege het kampioenschap van Sportclub 2.
Uiteindelijk was dat het zoveelste in een lange rij. Waar het wel om gaat is de onderste helft van de ranglijst. De vier clubs die daar vertoeven hebben in een halve kompetitie moeten uitmaken welk team moest degraderen. Slachtoffer van deze spectaculaire strijd was Tuinders. Maar

Bent u net zo verbaasd als wij? In de Afdeling Zwolle van de KNVB was vroeger alles mogelijk. Kampioenen degradeerden, clubs die op de onderste plaats eindigden deden dat niet en werden het jaar daarop kampioen. Voetbal is toch maar een raar spel.
Tussen het verstrekken van haringen door het bestuur bij uitwedstrijden in de dertiger jaren en het opsteken door de elftallen in de huidige tijd -in een bar worden de ballen gehakt met satésaus weggespoeld met diverse glazen bier of frisdrank-ligt de tijd van de automatieken. Zo'n twintig jaar geleden kon je met een kwartje heel wat doen. Hoewel, dat gaf ook nog wel eens moeilijkheden!

Na een heroïsche strijd op Urk wilden enkele spelers van het tweede in zo'n automatiek de inwendige mens versterken met een ferm stuk worst dat achter het glas lokte. Hoe Klaas (de kuter) Eenkhoorn ook probeerde een vakje open te krijgen, na een kwartje gestort te hebben, al zijn moeite was vergeefs. Voor Jan Fuite was het geen enkel probleem: binnen enkele tellen kon hij zijn tanden in de sappige snack zetten. De trek van Klaas werd bij het zien daarvan alleen maar vergroot en andermaal stopte hij een kwartje in de gleuf. Ook die keer bleef het vakje voor hem gesloten. 'Zal ik het eens proberen?', bood Jaap Beens bereidwillig aan. Ook het kwartje van Jaap deed het vakje openen! Vervolgens deed Klaas het gezegde driemaal is scheepsrecht geen eer aan, want ook nadat hij voor de derde keer een kwartje gespendeerd had, bleef hij verstoken van worst! Teleurgesteld en hongerig gaf hij daarna zijn pogingen op. Toeval, domme pech, een niet goed werkend mechanisme? Helemaal niet! De Urker worst kostte twee kwartjes!

De eerste keer dat Sportclub Genemuiden te maken kreeg met 'politie' Wassens was in een wedstrijd van het tweede elftal tegen Tuinders. Na een onoverzichtelijke situatie voor het Zwolse doel gaf scheidsrechter Wassens een stuitebal op de doellijn, een kolfje naar de hand van Berend Beens die uit deze situatie wist te scoren. Nog meer verbruide hij het bij de Zwolse supporters, toen hij later een strafschop aan Sportclub 2 toekende. Mede daardoor wonnen de groen-witten met 3-0.
Enige tijd later maakte Sportclub Nieuws gewag van het feit, dat het tweede elftal versterking kreeg in de persoon van oud-scheidsrechter Wassens, die in 'Genemuiden is aangesteld als politieagent'.
Zijn actieve voetballoopbaan in Genemuiden moet trouwens erg kort geweest zijn, want weer iets later meldde Sportclub Nieuws, dat niet Teun Kroes door de KNVB als consul is aangewezen -deze was door Sportclub voorgedragen -maar de heer Wassens.
Enkele jaren later hoefde Sportclub daar geen spijt meer van te hebben. Voor het begin van een bekerwedstrijd tegen Blauw-Wit uit Leeuwarden stonden spelers en leiders met de handen in het haar, omdat er geen sleutel van de kleedkamer was ( overigens geen ongewone situatie te oordelen naar enkele ingezonden stukken in Sportclub Nieuws). De oplossing voor dit probleem kwam van... scheidsrechter Wassens, inmiddels al weer vertrokken uit Genemuiden. Aan zijn consulperiode had hij een sleutel overgehouden en laconiek nodigde hij iedereen uit hem maar te volgen.
Geen wonder overigens, dat men vaak zonder sleutel zat. Als politieagenten al sleutels achterhouden.


Zaterdag 23 september 2017
Competitiewedstrijd
SC Genemuiden - Sparta Nijkerk

 
 
 
Sportpark "de Wetering"
Genemuiden
Aanvang 14.30 uur


Scheidsrechter Dhr. B. Augustin
Ass. scheidsrechter Dhr. M. Moerkerk
Ass. scheidsrechter Dhr. H. Ploegstra